Vacuum bagging and resin infusion – first trial and weight comparison

Ik stap hierna over op Engels omdat (relatief) veel bezoekers van deze site niet uit Nederland blijken te komen. Eens kijken of ik dat volhoud.

All laminating work on the Jeanneau project was done by hand.

I did not take the time to explore vacuum bagging or vacuum resin infusion. But I would like to learn those techniques. Maybe for another project, who knows …

In my living room I made some small foam/glass/epoxy samples with both methods and I learned a lot.

The most important lesson was that I really need a big table to cut all the materials (glass fibre, vacuum bag, flow media, release film, tacky tape, tubes, etc.) to size. Shelves to store the materials (rolls) at working height are also essential. Even during this little trial I didn’t like the preparations. If I’m going to use these methods for real I would like to make my life as comfortable as possible.

Finding (inevitable) leaks on the other hand wasn’t that hard. I could often hear them. When I couldn’t hear them (I don’t have special equipment at this moment), I just went around the vacuum bag one more time compressing the tacky tape. Focussing on obvious problem areas: corners, pleats and around tubes. That took care of the leaks every time. During my trial the bag itself was never damaged or punctured (in a real life boat building environment that would be quite different I’m afraid!).

A big difference between “vacuum bagging” (compressing an already wetted out laminate with atmosferic pressure) and “vacuum resin infusion” (using atmosferic pressure to both push resin into dry glass fibre and compress the laminate) is the amount of time you have to solve problems.

With resin infusion you can solve all problems (leaks) without any time constraints.  You only start mixing the resin after these problems are solved.

With vacuum bagging you first mix the resin and wet out the laminate. Then the clock starts ticking. You don’t want the epoxy to gel before pressure can be applied. On small scale projects (e.g. panels) I don’t expect problems when using slow curing epoxy. On big and complicated projects (e.g. boat hull) things could get exciting. Maybe too exciting for me personally, especially if I build alone. That’s an argument in favour of resin infusion.

I measured and weighed my samples to calculate the weight per square meter.

In this, admittedly not very scientific, setting I found that resin infusion creates panels (foam with glass/epoxy on both sides) that are more than 20 percent heavier. An argument in favour of wet bagging.

This is not surprising: resin infusion fills every little irregularity on the foam surface with epoxy. The extra holes I drilled myself were also filled. The  percentage mentioned above only applies to my specific combination of foam and glass. If you use heavier and/or thicker foam and/or more glass the relative weight difference should drop: heavier/thicker foam or more glass increase the total weight of the panel but they don’t increase the surface area of the foam that can be filled with epoxy. Higher density foams are also less porous and should therefore absorb a little less resin.

The very old and noisy vacuum pump I used for this experiment probably wasn’t very good. I don’t know what vacuum level it reached. Maybe resin infusion suffered more from this old pump than wet bagging?

Overall I was pleasantly surprised by the quality of the wet bagged laminate. The pressure from the bag removed a considerable amount of excess resin from the laminate (last picture) and it looked nice and compact.

 

Roer passen

Het nieuwe roer moet binnenkort worden gemonteerd.

Met een simpele mal (van een restje karton) heb ik alvast gecheckt of dit gaat lukken.

Het nieuwe roer lijkt te passen maar de mal is niet nauwkeurig en de marges zijn erg klein. We zullen het zien ….

 

 

 

Een boot is nooit af ….

Toen ik de Windpilot (windvaanstuurinrichting) kocht, gaf de leverancier aan dat de spiegel niet verstevigd hoefde te worden. Omdat de spiegel van de Rush echt flinterdun is, heb ik hem toch verstevigd door er (aan de binnenkant) vier grote carbon schijven op te plakken.  Ik was bang dat de vier bevestigingsbouten er anders bij het minste geringste uit zouden worden getrokken.

Nadat ik de Windpilot had gemonteerd bleek dit niet voldoende. De spiegel was zo slap dat deze meebewoog als ik aan de Windpilot trok. Probleem zat hem vooral in de langsrichting. Ik verlangde even terug naar de Fleming windvaanstuurinrichting op een vorige boot. Die had een uitgebreid buizenframe. En als ik me niet vergis was die ook een stuk minder zwaar.

Misschien dat dit “meebewegen” jaren goed gaat maar ik kon er niet mee leven. De spiegel moest dus verder verstijfd worden.

Maar hoe? De spiegel is alleen toegankelijk via twee gaten met een diameter van slechts 15 cm. De verstijving moest dus smal zijn (een groot stuk hechthout krijg je niet door die gaten).

Uiteindelijk maar voor onderstaande oplossing gekozen (de twee dunne witte plaatjes zijn tijdelijk en worden alleen gebruikt om de rib op z’n plek te houden terwijl de epoxy droogt). Ik hoop dat het afdoende is, een lekkere grote plaat was beter geweest …..

 

Andere klusjes waren gelukkig makkelijker:

 

 

 

Gezellig druk achterschip

Windpilot en zwemtrap gemonteerd. Het lukte gelukkig om die twee te combineren. Min of meer. De Windpilot blijft tijdens gebruik in ieder geval altijd vrij van de zwemtrap (op of neer maakt niet uit). Erg comfortabel wordt het niet maar je komt terug aan boord.

Het monteren van verstevigingsplaatjes voor de zwemtrap was niet leuk omdat ik er simpelweg niet bij kon. Als je dan ook nog lijm gebruikt wordt het een vieze klus om snel te vergeten.

 

Ook wat eenvoudigere klussen gedaan. Het nieuwe bovenste lager van het roer past. Er is bewust wat speling ingebouwd (tussen buitenkant lager en boot) zodat de roerkoning kan worden uitgelijnd. De montage van het ankerluik stelde niet veel voor (hoewel gaten boren in een net gerepareerd dek eng blijft).


Bootjes kijken

Na een vakantie in de Dordogne zijn we gelukkig ook nog even in Bretagne geweest. Heerlijk bootjes gekeken en inspiratie opgedaan.

Een Jeanneau Rush zonder – en met kiel (volgende dag!). Zo te zien is er één nieuwe kielbout gemonteerd:

 

Mal voor een Class 40, een beschadigde romp (uit diezelfde mal) en twee complete boten (lijken ook verdacht veel op genoemde mal):

 

Een prachtige vernieuwde (Vendee Globe) machine, met foils:

 

Drijver van een oude trimaran met honingraat kern in het dek en in de schotten:

 

Wat minder high tech maar de eigenaar heeft veel plezier zo te zien:

 

Oude Open 50. Hele gave boten. Ik heb er ooit eens eentje bekeken. Ik verwachtte uiteraard geen comfort maar het interieur was nog veel krapper dan ik had verwacht. Goede manier om je rug te mollen.

 

Een (aangepaste) Sydney 40:In 2010 heb ik in Schotland een Sydney 40 gekocht en vervolgens naar Nederland gezeild via de Ierse Zee. Onvergetelijke vakantie. De boot zeilde fantastisch en het weer was super. Nog twee oude foto’s van die boot, onderweg en in Nederland:

 

 

Pogo 1050:

 

Oude Mini zo te zien:

 

Kotters uit Engeland. Grappig dat ze op deze traditionele schepen nu ook low friction rings gebruiken (zie bakstag):

 

Enorme bak van een trimaran (60 voet):

 

Bevestiging stagen op een andere oude trimaran:

 

Vleugelmast van een trimaran. Meer dan 28 meter (zie tekst op de mast):

 

Bevestiging verstaging op een superyacht:

Romp (weer) geschilderd

Nadat ik stuurboord had geplamuurd (interessante oefening) moest die kant natuurlijk ook weer worden geschilderd. Dat ging prima.

Omdat het nauwelijks extra werk is heb ik bakboord ook meteen gedaan (na licht schuren). Dat was een vergissing. Net te weinig verf aangemaakt. Met hangen en wurgen (lees: verdunnen) heb ik de laatste meter nog wel kunnen doen maar mooi werd het daar niet. Te weinig verf om goed uit te vloeien. Uiteraard bij de boeg, lekker zichtbaar ….